Discriminatie
Vreemd eigenlijk om telkens te moeten constateren dat discriminatie alleen aangepakt mag worden
op grond van ras, religie, geslacht en leeftijd. Het zijn de factoren bij uitstek die in beginsel niet door
anderen te bepalen zijn. Ik kan er niets aan doen dat ik een blanke dame ben, geboren in Nederland in
het bouwjaar 1954 en katholiek ben gedoopt en opgevoed. En waarom zou ik me druk maken als anderen
daarover iets belachelijks te zeggen hebben. Wat dat betreft zitten we allemaal in precies hetzelfde schuitje.
Natuurlijk is het erg als je op grond van deze feiten ergens niet mag werken, binnengaan of anders
behandeld dan wel beoordeeld wordt, maar het is helaas iets van alle tijden. Het zit namelijk diep in de
mens verankerd dat “het anders zijn” onzeker maakt, dus gaat men uit pure onmacht om zich heen
slaan met woorden dan wel daden. In onze zogenaamd beschaafde tijd, waarin steeds meer mensen
langere tenen en kortere aandacht hebben op intermenselijk gebied, wordt er dan maar liever een
gesubsidieerd bureautje opgericht om discriminatie, heel maatschappelijk verantwoord, aan te kunnen
pakken.Verschillende soorten slachtoffers hebben inmiddels hun eigen belangenorganisaties, waarmee
het doel in principe al voorbij is gestreefd. Men discrimineert er zelf heerlijk op los door met vele
maten te meten.
De vraag echter is: wie mag wie dan wel aanpakken, want wat is “het onderscheid maken ten ongunste
van een persoon of groep” zoals de letterlijke betekenis van discrimineren stelt? Mensen willen zich juist
unaniem erg graag onderscheiden van de ander, dus de scheidslijn van je ongelijk behandeld voelen en
werkelijk achtergesteld worden, is heel moeilijk te bepalen. Vaak, meestal, is het een kwestie van je rug
rechten, je verlies nemen dan wel de situatie negeren en heel gewoon doorgaan op hetzelfde of een
ander pad. Je kunt ervoor kiezen dat iets of iemand je wel of niet raakt of kwetst. Dat is te leren.
Eigenlijk moet discriminatie dus educatief aangepakt worden, want onbekend maakt onbemind.
Discriminatie heeft te maken met zaken waarin er geen enkele keuze voor je gelaten wordt, zoals
bij muziekte en lawaai het geval is.
Onze willoze oren die altijd open staan en in gebruik zijn worden
op steeds grotere schaal en in toenemende luidheid niet alleen zwaar mishandeld, maar ook nog eens
in gijzeling genomen of om zeep geholpen! Eraan ontsnappen is niet of nauwelijks mogelijk.
Waar kun je daarvoor terecht en wie neemt het dan voor je op? Nergens en niemand, luidt het
respectievelijke antwoord. Niet bij de veroorzaker, niet bij de wetshandhaver en zeker niet bij de
afdeling discriminatie! Ze zien ons al aankomen… Moslims klaagden eens over de korte broek
van de bouwvakkers. Nou ja zeg, kijk dan niet! Maar wat te denken van hun radioterreur?
Dat raakt pas echt aan het basisprincipe voor een fatsoenlijke samenleving. Want iedereen,
niemand uitgesloten, zeker niet door stoorzenders van het ergste soort, heeft het recht
om in vrijheid te bestaan.
Er moet per direct keihard ingezet worden op het recht op stilte en een gezonde akoestische
leefomgeving. Dat valt namelijk ook heel eenvoudig te leren. Het sleutelwoord? Gewenning!
Al die jaren van overleven in de pokkenherrie wordt nu leven in de stilte.
De herrieschoppers
verplicht afkicken want de beurt is nu aan ons. Zoals het hoort!